Tiny House als kleine dorpsoase in Empel

Door Marja van Kampen-Molenaar

Niet alles kan perfect en duurzaam zijn

- promotie -

Naast Dierenweide ’t Wikkie stond opeens een lieflijk piepklein huisje. “Wat een luxe kippenhok” hoorde De Stempel ’n voorbijganger mompelen. “Néé joh, een tiny house, da’s de trend” was de scherpe reactie. Jullie begrijpen, dáár moet De Stempel meer van weten, dus . . . . waar is de bel?

Boswachter, wat idyllisch

Geen bel, ook geen brievenbus:;dit tiny house lijkt geheel geïntegreerd in dit stukje groen en dat is bewust, wordt ons later duidelijk. Op de veranda staat een leuke jonge vrouw. Stoer in mosgroene boswachtersoutfit met net geplukte tomaatjes in haar hand. “Welkom, ik ben Jeanette Kiep”.  De 29-jarige werkt als boswachter bij Huis ter Heide (vlakbij De Efteling), een natuurbegraafplaats met een oppervlakte van 35 ha met bossen, vennen, graslanden, heide en akkertjes. Haar vriend woont in Empel en heeft naast haar brievenbus ook vast haar bel….

Waarom geen appartementje?

“Een paar jaar terug  – er was het een en ander in mijn leven voorgevallen – vatte ik het plan op om back to basic te gaan. Vooral met wonen, dus koos ik voor een tiny house. Ik zette mijn wensen op papier, waarbij duurzaamheid bovenaan stond. De kosten zouden tussen de 60 en 70 duizend euro zijn. Best veel geld, maar ik wilde per se zoveel als mogelijk zelfvoorzienend zijn”, legt Jeanette uit. Binnen zet De Stempel grote ogen op, want het resultaat is verbijsterend. Alles is er: een hoge met ramen omgeven zitruimte met bank en eethoekje, verhoogde keuken met “alles”, een bijna aaibare houtkachel, daarachter een voorraadkast en badkamer met douche en composttoilet. “Zo’n wc gebruikt geen water en is prima mest voor de tuin straks”, voegt de bewoonster lachend toe. Onder de verhoogde keuken zit, heel verrassend, een ruim uitschuifbaar bed verborgen, superslimme oplossing! Een loft vindt ze ’s zomers te warm. Verder zonnepanelen, een waterfilter met klein rietveldje voor zuivering van het afvalwater, plus stoken op hout. Dat is niet echt duurzaam, maar met overtallig hout van haar werk of uit de omgeving valt dat wel mee.

Hoe kom je aan dit mooie plekje?

De eerste 1½ jaar stond haar huisje op ’n camping, o.a. in Biezenmortel. Via via, tijdens het sporten door een vriendin van de dochter van haar vriend – jullie kennen dat wel – komt ze in aanraking met de 2 eigenaren van deze groenstrook, waar niet gebouwd mag worden: “Iets met archeologische vondsten”. Een tiny house op wielen is geen bezwaar, vooral als de bewoonster zorgt voor meer dorpse vergroening: bessenstruiken, fruitbomen, tomaten, kruiden etc.: soorten die insecten en vogels aantrekken. Idealiter moet ‘t een kleine dorpsoase worden! Over een tijdslimiet is niets afgesproken, maar ach, ze is mobiel.

Lukt de zelfredzaamheid?

Afgelopen winter was het koud, te koud soms! Extra dekens én haar vriend helpen dan wel. De electriciteitopbrengst is niet altijd voldoende, dus ze kookt op flessengas. Water van het dak is meestal genoeg en anders tapt ze elders. Al met al een kleine struggle for life, want 100% zelfredzaamheid én duurzaamheid lukt nog niet. Bovendien: een mens moet ook léven, is haar lijfspreuk.

Verder is het vet genieten hier met blatende schapen, een nieuwsgierige pony, kakelende kippen en rondom groen, wie wil dat niet. De Stempel wandelt bedachtzaam over ‘t olifantenpaadje terug en denkt: Jeanette, naar ons gevoel voel je je nu een echte geluksvogel!

[Dit interview is verschenen in De Stempel van 29 september 2021]